Lijvige parel vol
licht en donker
De Franse Valérie Perrin kennen sommige lezers vast
nog van Vers water voor de bloemen dat ik zelf onder zijn oorspronkelijke titel
las: De bijzondere levens van Violette. Dat boek sloot ik onmiddellijk in mijn
hart en blijft mijn absolute favoriet van deze auteur. Daar dicht op volgend
komt echter haar nieuwe roman, Mijn tante Colette, vertaald door
Ghislaine van Drunen, Annelies Kin en Nathalie Tabury.
Agnès krijgt bericht dat haar tante Colette is overleden.
Dit brengt haar eerder in de war dan dat het haar verdriet doet. Haar tante
stierf immers reeds drie jaar geleden. Op aandringen van de politie reist ze
toch af naar Gueugnon in de Bourgogne om het lichaam te identificeren. Daar
ontdekt ze een verzameling cassettebandjes die haar tante haar naliet met
daarop haar levensverhaal. De onopvallende tante blijkt een verleden gehad te
hebben vol geheimen.
Deze lijvige roman is opgedeeld in twee grote delen.
Daarbinnen springen de korte hoofdstukken van het verleden van Colette in de
jaren ‘50 en ‘60 naar het heden van Agnès in 2010, maar ook naar het verleden
van Agnès. Ondanks dit voortdurend heen en weer springen, werkt deze vorm en
leest deze boeiende roman vlot. De lezer moet er wel tegen kunnen dat elk
antwoord een tijdlang alleen maar meer vragen oproept.
De personages zijn pareltjes. Colette die ogenschijnlijk
onopmerkelijk is, met een talent om te verdwijnen, maar wat een krachtige vrouw
is zij; Agnès, eeuwig treurend om haar ex; Soudoro, de baarlijke duivel. Daarnaast
zijn er nog talloze andere personages die het verhaal mooi inkleuren. Een
aantal van hen bepaalt soms het vertelperspectief in de ik-vorm of in een derde
persoon.
De thema’s zijn onder meer opofferingsgezindheid uit liefde
in al haar vormen, maar ook het kwaad in verschillende vormen tegenover de
goedheid van sommige mensen die vaak goed doen in het verborgene. Hoewel de
thema’s iets meer duisternis bevatten dan in Vers water voor de bloemen, brengt
de schrijfster af en toe een humoristische noot in.
‘De urn zit nog steeds als een braaf kind vast in de
veiligheidsgordel.’
Wanneer Soudoro aan het woord is, verandert de stijl. Die wordt
eng en spiegelt zo het obsessieve monster dat aan het woord is.
De taal van het boek is mooi en we treffen dan ook vele knappe
zinnen aan.
‘Ik kreeg Ana enkele maanden nadat de film was uitgekomen.
Met haar vervloog alle hoop op nog een kind. Maar wat geeft het, Ana is in haar
eentje alle kinderen waarop ik heb gehoopt.’
‘Ik was de medeplichtige van mijn cipier.’
Ook de beelden zijn vaak ingenieus.
‘Zijn gegiechel klinkt als een sterrenregen die op de lange,
sombere lucht wordt afgevuurd.’
‘Wist ik nog niet genoeg? Ik denk dat ik op dat moment
besefte dat ik de puzzel niet meer wilde afmaken, maar hem simpelweg in een
kast wilde opbergen.’
Hoewel het boek best dik is, zitten er voldoende
verhaallijnen, interessante personages en twists in om de lezer geboeid te
houden tot het einde. Om met een citaat uit het boek af te sluiten: ‘Als een
roman geweldig is, bevat die licht, beelden, woorden en gevoelens. En de
personages worden echt omdat je eraan gehecht raakt.’ En dat geldt absoluut
voor deze roman.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten